zondag 9 augustus 2026

Naar Nogersund

We wilden tegen een uur of acht vertrekken. Maar we waren veel te vroeg wakker. Echt véél te vroeg. Dus we zijn maar gaan wandelen. Om kwart voor vijf....... De bedoeling was een rondje van een kilometer of tien, elf. Maar het werd wat korter, want de muggen/vliegen/steekbeesten waren ook al vroeg wakker en zagen ons aan voor hun ontbijt.

Het was best een leuke wandeling, maar we hebben ‘m wat ingekort. Gelukkig hebben we goed spul tegen jeuk aan boord. Mygga heet het, en er staat bij “Beroligende gel”. Dat betekent ‘kalmerend’, maar wij ervaren het als lekker verdovend. De jeuk is direct verdwenen, heerlijk!

Aan boord gekomen besloten we dan maar te vertrekken. Een uur eerder dan gepland, maar dat kon vast geen kwaad. En dat was ook zo.

We wilden naar het haventje van Hörvik, een vissershaven waar we al een keer zijn geweest. Maar het werd spontaan Nogersund, waar we ook al een keer zijn geweest maar waar we ons niets meer van kunnen herinneren.

Eerst een uur of twee op de motor, en daarna lekker lang gezeild. Een uurtje voor de haven werd de zee wat knobbelig en de wind wat draaierig. 

We maakten nog een bochtje om een rots heen. Zomaar een hele flinke rots, terwijl het daar vlak naast 26 meter diep is!

We werden ingehaald door een aardige veerboot. Aardig, omdat de schipper aardig was. Meestal zijn het van die hardjakkerende mannen, maar deze meneer, die ook nog naar ons zwaaide, bracht zijn passagiers direct in vakantiestemming.

De veerboot ging (bleek later) steeds maar heen en weer naar het eiland Hanö, leuk voor een dagje uit. Wij vonden een plekje redelijk in de buurt van de veerboot-aanlegplaats maar hebben nooit last van hem gehad, zó rustig deed hij in de haven.

Nogersund is vroeger één van de grootste visserijhavens geweest hadden we gelezen, maar onze buurman, een local op een zeiljacht, vertelde dat dit nu niet meer zo is. De visafslag staat er nog wel, de haven is robuust en groot, maar de gebouwen waar vroeger ook iets met vis werd gedaan zijn nu restaurants.  En je kunt er wat kleding kopen en wat bootspullen.

De camperplaats staat bij de zeewering, mensen kunnen naar de haven kijken of over de zeewering naar de zee. Dat is voor ’t eerst deze reis dat we zien dat dat mogelijk is, op andere plekken hadden de campers uitzicht op de stenen.

In totaal zijn we met drie passanten. Een Duitser en een Nederlander die direct stroom moet voor zijn waterkoker. Hij is daarvoor verhuisd vanaf een ander plekje in de haven naar onze stoere betonnen steiger en ligt nu voor ons.

De zon bleef schijnen, de wind waaide ook hier alle kanten op, we zien zwanen in de haven, laagvliegende zwaluwen en zelfs een zwarte otter! En vanavond hadden we weer een “klopper”, een meneer die even wilde weten van welk materiaal de boot gemaakt is. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten