vrijdag 5 juni 2026

Naar Sjötorp, waar het Göta-kanaal begint

Gisteren zaten we weer wat te dubben. Vandaag vertrekken of blijven liggen? We wilden wel wandelen in het bos, naar het haventje van Spiken en naar het kasteel van Läcko. Voor het oversteken van het tweede deel van het meer zou het in de loop van de dag flink waaien, en de hele dag zou het wat regenen.

Maar ja, als het regent is het ook niet zo leuk om te wandelen. En als we vroeg zouden vertrekken was de wind wat gunstiger. Weliswaar meer aan de wind, maar later zou hij wat draaien en vanuit het zuiden over heel veel water bij ons komen. Dus meer wind en meer golven.

We besloten om het vanochtend aan te zien. Vroeg weg was een optie. En ja, we werden vroeg wakker. Dus even kijken in de app Windy. Hetzelfde als gisteren werd voorspeld: later op de dag veel wind uit het zuiden, en de hele dag regen. Morgen en overmorgen ook regen en dan tegenwind.

Nou, dan kunnen we net zo goed gaan varen. Toch?

Dus we vertrokken al om vijf uur. We kunnen heel snel vertrekken gelukkig: theewater koken, aankleden, communicatie aan en weg. Het was grijs maar droog.

We vonden onze weg weer tussen de rotsen door, zwaaiden naar het mooie kasteel van Läckko en na anderhalve mijl kwamen we weer op het Vänern meer. Het was grijs, er stond een matig windje dat later wel wat meer werd maar de motor moest er bij aan, en hoewel het soms wat miezerde bleef de voorspelde regen uit.

Na elf mijlen waren we weer bij rotsen. En veel water. Grotere stukken water dan we eigenlijk hadden verwacht. Het was een soort zoeken naar bakens en staken, dan een Sneekermeer overvaren, dan ergens een bocht om en de Fluezen over, weer een slinger maken en staken zoeken en dan het Tjeukemeer over.

Die staken, dat is me wel wat hoor. Sommige rode hebben een vierkant rooster boven op de "stok", sommige groene hebben een driehoek. Maar de meeste staken hebben niks, zijn gewoon staak. Stok. Als je last hebt van kleurenblindheid is het een enorme uitdaging, want je ziet dan aan de vorm niet wat je aan bakboord of stuurboord moet houden!

De twintig mijlen tussen de rotsen (die trouwens soms erg ver weg lagen hoor) duurden voor ons gevoel best lang. Okee, het is dan ook ongeveer 37 kilometer, maar mentaal gezien voelden we ons al bijna bij de haven van Sjötorp en moesten we nog steeds een stukje verder.

Toch was het een mooie tocht. Zeilen kon niet want we slingerden als een malle over de aangegeven vaargeul. We zagen mooie witte wolken, maar die veranderden zó snel dat ze niet na te schilderen zijn. Heel apart: als je even je blik ergens anders op richtte en dan weer naar “jouw wolk” keek, zag ie er heel anders uit.

De Torsöbrug is in ’t midden over een breedte van 10 meter 19,9 meter hoog. En over een breedte van 60 meter is tie 18 meter hoog. We bleven precies in ‘t midden van de brug varen, vonden het best spannend maar alles ging goed.

En toen kwamen we na ruim 7 uren varen in Sjötorp aan. Op het mooiste plekje van de haven van Sjötorp. Nou, misschien is er wel niet eens een mooier plekje in welke Zweedse haven dan ook te vinden! Simon, bedankt!

We liggen aan ’t begin van de haven, op Forhyrd Båtplats 1, aan een langssteiger, met prachtig uitzicht op water, eilanden, de haven, het dorp en de ingang van het Göta-kanaal. Het kanaal loopt pal langs de haveningang. Jee, wat een mooie plek! Hier kun je wel de hele zomer blijven liggen!

We hebben ons gemeld bij Café Baltzar (waar je normaal gesproken je havengeld moet betalen) en toen ik vertelde dat we door Simon waren uitgenodigd was alles okee. Na een welverdiende pauze gingen we weer de wal op. Twee Noorse motorboten zouden tegen een uur of vier door de eerste sluis gaan (er kwam een konvooi deze kant op) om in het bekken te blijven liggen. Dat wat ook ons plan was. Dus dat is blijkbaar niets bijzonders. Als je betaald hebt mag je naar binnen wanneer er een konvooi langs komt.

We hebben de eerste Göta-schutting van de Noren gezien, de laatste Göta-schutting van drie zeiljachten, en zijn toen naar de boot gegaan. De andere twee zeiljachten (konvooi in twee groepjes) lieten we voor wat ze waren, want er kwam me toch een bui! Alsof er een emmer werd leeggegoten! Zó jammer voor de sluiswachter en die mensen, ze werden drijfnat.

En gek genoeg werd het nog een mooie avond met veel zon. Heerlijk!

donderdag 4 juni 2026

Het Vänern mee op!

Wat een stilte vannacht! Geen geluid van stromend water, geen vogels, geen passerende schepen. We misten het toch wel een beetje. En ook geen geurende seringen. Daarvoor zijn we te ver van de wal. Want oh, wat bloeiden en geurden ze. Overal. Langs het fietspad, in tuinen, in het wild, bijna overal dus.

Tegen acht uur werden we wakker. De weerman van Windy zei dat we best konden gaan. De wind zou wat ruim zijn, zeilbaar qua sterkte, maar het zou de hele dag regenen. Met aan het eind van de middag (wanneer wij ongeveer tussen de rotsen door moesten varen) zouden we heel veel regen krijgen. H’m. Morgen ziet het er niet beter uit. Dus we besloten te gaan. Tegen regen kunnen we, en ach, we hebben de Donau gedaan dus dan kunnen we dit ook.

Hidzer zag twee zeiljachten bij de brug liggen. Voor we op het Vänern-meer komen moeten we eerst een spoorbrug en een verkeersbrug “doen”. We deden de marifoon aan en hoorden in Duits-Engels vragen wanneer de brug open gaat. Geen antwoord. Even later vroeg een andere stem ook wanneer de brug opengaat. Niet: we willen graag een opening, kunt u zeggen hoe laat dat kan? Nee, het werd gevraagd met een toon van “ik heb er recht op”.

Maar er werd geantwoord dat de brug “in a minute” open zou gaan. Wij hebben snel het anker ingehaald (meer dan 25 meter.....) en zijn naar de brug gevaren. En waren gelukkig mooi op tijd voor de opening. De twee jachten die er lagen kenden we, ze hadden ook in Trollhätta gelegen. Deze Duitsers wilden het ook rustig aan doen op het Göta-kanaal.

Om even over half negen voeren we het meer op. We hadden verwacht dat de bruggen pas vanaf negen uur zouden draaien, dus dit half uur beschouwden we als winst. Want we wilden de gang er in houden vandaag, in verband met die mogelijke stortregen.

Het Vänern meer is qua grootte het derde meer van Europa, met een afmeting van 140 bij 70 kilometer. Met veel rotsen langs alle kusten. Praktisch stromingsvrij, maar, staat als waarschuwing in ons boek: je moet het weer goed in de gaten houden, want er kan zomaar erg harde wind komen met veel golven.

Niet de hele rit hebben we volledig gezeild: af en toe de motor er bij aan omdat de wind wat minder was en we ons tempo niet volhielden. De wind was wat draaierig en vlagerig, maar het schoot al met al toch wel lekker op. En: geen regen! Joepie! We hadden wel onze thermo-kleding onder de zeilpakken aan, maar het was (daardoor) niet koud.

De laatste twee uren op “open zee” hebben we gemotord met gereefd zeil, want toen was de gedraaide wind aan een inhaalslag begonnen. Het zeil diende als steuntje zodat we niet heen en weer slingerden op de golven. Dat is wat het boek ons dus vertelde.

We voeren alleen. De twee Duitse jachten hielden de westkust, wij gingen richting het noordoosten. En we keken zoals altijd veel naar de lucht. Want tja, die regen hè, zou die nog komen?

Voor ons sjeesden dreigende wolken langs, maar achter ons werd het ook dreigend donker. We waren ongeveer bij het punt waar we moesten afslaan naar de rotsen. Bij een leuk vuurtorenhuis. 

Vlak daarna lagen de gevaarlijke jongens: de rotsen die lijken op gestrande potvissen en meer onder water zijn dan er boven. Trouwens, de puntige rotsen die je helemaal niet ziet zijn nog gevaarlijker natuurlijk.

Wij keken naar voren om de vaargeul te volgen, naar opzij om van de rotsen en de huizen te genieten, en naar achteren om de wolken in de gaten te houden. Het vuurtorenhuis werd al nat van de regen.....

Die vaargeul was soms wat moeilijk te ontdekken. We zijn erg blij met onze navigatie, daardoor weten we ongeveer welke richting we op moeten, en dan kunnen we markante rotsen of bakens of staken (ze doen hier niet aan tonnen) opzoeken.

Soms was de vaargeul best breed en dan was de ene kant door staken aangegeven en was de andere kant rots. Oh. Nou, we bleven maar in de buurt van de staken, dan kwam het wel goed.

En ergens heeft ooit een brug (of zo) gestaan. Ons boek zegt daarover dat het Strömsundet heet. “2,6 m djup en 7m bred passage med betongkistor” aan beide kanten. Enkelriktad trafik.  Eenrichtingsverkeer, dat lijkt ons logisch. Het leek van een afstand spannender dan het was gelukkig.

We wilden naar het haventje Spiken. Maar de Duitse mevrouw van de zeiljachten, die ene zonder AIS, vertelde dat er ergens daarvoor een leuke steiger was. En ja, die zagen we! Voorzichtig voeren we er naar toe, het bleek overal flink diep te zijn, bij de steiger nog 2,3 meter. Het heet Mista Udde. Udde betekent landtong, en mista udde is zoiets als verloren landtong.

Een prachtplek! Een lange steiger met gaten in het hout om je landvast doorheen te halen. Op de wal picknicktafels, een BBQ en een eco-toilet. ’s Zomers zal het wel druk bezocht worden, maar nu zijn we er in ons eentje.

Alles was nog maar net klaar (aangelegd, zeil ingepakt en huik dicht, stuurwielhoes om het stuurwiel en een paar foto’s gemaakt) of het begon te regenen. Nou, stortregen! Wel drie kwartier lang. En daarna nog bijna een uur regen met donderslagen.

Meer “precies op tijd” dan dit kan haast niet! Wat hebben we geluk gehad. Met de deels onjuiste verwachtingen en met onze strategie om het tempo er in te houden. En met dit plekje!

woensdag 3 juni 2026

Nog twee dagen Trollhätta maar nu toch vertrokken

Na zes nachten hebben we vandaag afscheid genomen van onze haven van Äkers sjö. Eigenlijk was dat gisteren al de bedoeling, maar het regende bijna de hele dag. En aangezien we eerst nog even op de fiets boodschappen wilden doen bij de Max ICA (die heeft meer lekkere dingen dan de normale ICA) hebben we ons vertrek een dag uitgesteld.

Maandag heb ik het buro van het Götakanaal gebeld en we mogen best met een konvooi door de eerste drie sluizen bij Sjötorp varen en dan daar blijven liggen. Ik heb gezegd dat we niets nodig hadden en dat we braaf gaan wachten tot 16 juni. Fijn dat dat kan!

Onze Noorse buren Renate en Henning zijn toch vertrokken. Ze hebben hun boot verkocht en brengen ‘m naar Stockholm, maar willen eigenlijk ook nog ten noorden van Stockholm de omgeving verkennen. Ze willen aanstaande vrijdag beginnen aan hun Götakanaal-traject, en mogen nog drie dagen extra op ’t kanaal  blijven liggen en aansluiten bij een volgend konvooi.

We hebben nog even op de fiets de stad verkend. De fiets-voetpaden zijn voor ons nog wel eens lastig. Niet dat we het pad moeten delen met voetgangers, nee, dat gaat prima. Maar soms is het pad zomaar weg. Of zomaar aan de andere kant van de straat, zonder een logisch lijntje daar naar toe. Tja, wij fietsen als echte toeristen natuurlijk, kijken alle kanten op, en missen dan ons fietspad. Dus we zitten soms aan de verkeerde kant van de straat, of naast het fietspad. Geeft niet, de automobilisten stoppen als ze ons zien aankomen (alsof we een knipperlicht op onze helmen hebben, haha) en het was niet druk.

De Saab-fabriek (gevestigd in oude fabriekshallen waar locomotieven gebouwd werden) zijn pas op zaterdag open. Niet dat wij zulke auto-kenners zijn, maar het wel iets belangrijks voor Zweden.

Oh, van Simon kregen we  het fantastische nieuws dat we op zijn plek in de haven mogen liggen. Daar zijn we heel blij mee, dan kunnen we met goed weer het grote Vänern-meer oversteken, Sjötorp en omgeving op ons gemak verkennen, en misschien zien wat het feest op zes juni inhoudt.

Gisteren wilden we dus al vertrekken, maar toen we op de fiets wilden stappen begon het te regenen. En dat ging maar door. De weermannen vertelden elk uur dat het nog “even langer” zou blijven regenen. Soms miezer, soms een heuse bui.

We hebben ons best vermaakt hoor, met lezen en spelletjes doen. Pas tegen half vier werd het droog en zijn we nog rond de sluizen gaan wandelen.

Rond 1750 waren er nog wel 900 paarden nodig om goederen te vervoeren langs de watervallen van Trollhätta. Toen begon de bouw van de sluizen. Maar toen de koning stierf stopten ze met bouwen. En begonnen later weer. En stopten omdat de dammen doorgebroken waren. Door geldgebrek begonnen ze pas weer met bouwen in 1793, en zeven jaar later werd het sluizencomplex echt opengesteld.

De sluizen waren ongeveer 2 meter diep, en redelijk smal, dus dat bleek al gauw niet voldoende. Naast de oude werden er diepere en bredere sluizen gebouwd.

Maar ja, de schepen werden breder en langer, dus uiteindelijk zijn er weer nieuwe sluizen gebouwd. In 1916 kregen ze hun huidige grootte.

Grappig is dat je de oude sluizen nog deels kunt zien. Omdat ze naast elkaar liggen. Niet letterlijk, want vroeger zat er een haakse bocht in het vaarwater, maar we hebben wel een duidelijk beeld van de situatie gekregen.

Toen we langs de “nieuwe” sluizen liepen werd er een Nederlandse coaster geschut. Uit Groningen notabene. Waarschijnlijk heeft het schip Groningen nooit gezien, maar dat doet er niet toe.

Ook liep er water (uit de sluis?) onder een huis door. Best spannend, we hopen maar dat het water de rotsen niet uitholt. 

Van Simon kregen we veel appjes met foto’s uit een Havnguide over het Värnern-meer. Er zijn veel ankermogelijkheden rond de eilanden en rotsen. Het is zó mooi, misschien moeten we nog eens terugkomen om meer tijd op het meer door te brengen.

Nu denken we toch dat we in twee dagen het meer oversteken en dan in Sjötorp gaan liggen.

Vandaag zijn we dus op pad gegaan. Eerst nog even op de fiets naar de grote supermarkt, via een prachtige route. Het was warm en zonnig, we fietsten weer in korte broek en shirtje.

Na de lunch zijn we vertrokken. In drie-en half uur hebben we ongeveer 14 kilometer afgelegd. We moesten even wachten voor een voetgangersbrug, iets langer voor de spoorbrug, en nog langer voor de sluis. Niet dat er goede aanlegmogelijkheden zijn, dus we legden ons maar even vast aan een hoge oude steiger.

Op zich niet erg, want het was een leuke tocht. Langs rotsen, langs huizen, langs het pelgrimspad dat we deels hadden gelopen, de voetgangersbrug die voor ons moest “klappen” hadden we al eens gebruikt om het water over te steken, en we kwamen langs een groot meer. Een soort Snekermeer, met een paar eilanden en heel veel rotsen.

Die rotsen zie je en soms ook niet. Alsof ze “kiekeboe” tegen ons zeggen. Nou, we hebben braaf de vaargeul gevolgd. Bij de spoorbrug, die tegelijk met de verkeersbrug opende, kwam ons de Elfkungen tegemoet, de oude rondvaartboot die heen en weer vaart tussen Äker sjö en Vänersborg. Verder zagen we geen boten of schepen.

Nu liggen we voor anker in een soort uitloper van het Vänern-meer. Best groot maar het voelt prima. Het heet Vassbotten. In de verte zien we Vänersborg met de bruggen die we morgen gaan doen, en zojuist zagen we een coaster langsvaren.

Af en toe regent het wat, dat begon in de sluis, maar nu zitten we binnen lekker droog.

zondag 31 mei 2026

Trollhätta

We hebben het prima naar onze zin hier in Ägers sjö. Het is een prima haventje. Vlak bij de sluis, waar we met regelmaat even heen lopen omdat we steeds onder de indruk zijn van ’t manoeuvreren van de grote schepen. Het fijne is dat er geen zog is als ze aan komen of vertrekken. Okee, ze varen dan ook erg langzaam, maar toch, er wordt een heleboel water verplaatst. ’s Nachts horen we ze ook, maar we worden er niet echt wakker van.

Er is stroom, water, er zijn een paar toiletten en één douche, en dat zit bij de “Afgiften” in. Er is een sluiscafé en een zeer goed lopende ijszaak. Al met al is het niet groot, maar dat hoeft ook niet. Groot genoeg in ’t voorseizoen in elk geval.

Vroeger liep ons haventje door in de oude sluis. Die is er nog maar wordt niet gebruikt. Hij is te klein geworden voor de grote vrachtschepen. Maar het vreemde is dat de (oude?) houten sluisdeuren er nog steeds zitten, en dat die het water gewoon tegenhouden. Eh..... houten deuren uit het begin van de vorige eeuw.... Als die het begeven dan hebben onze landvasten een uitdaging! Niet aan denken dus!

We blijven hier misschien nog een paar dagen, want we zitten even met de entrée-datum van het Götakanaal. Dat vinden we helemaal niet erg!

Het weer is prima. Soms wat frisser, zoals gisterochtend, toen we op de fiets naar een supermarkt gingen. We hadden zelfs een jas aan! Maar ’s middags, al wandelend over het Pilgrimsled (pelgrims pad), was het weer warm. En vandaag ook, op een fietstocht rond het Öresjö meer. Het was een tocht van ruim 50 kilometer.

En het is hier in de omgeving hartstikke mooi! Bomen, rotsen, huizen op rotsen, bomen op rotsen, een kerk op rotsen, kleine meren en een groot meer. En die uitzichten! 

Het grootste deel van de route rond het Öresjö meer was een soort gravelpad. Af en toe wat losse gravel, maar prima te doen. Goed verhard. Ergens kwamen we nog een bult steentjes tegen, waarschijnlijk voor het winterseizoen. Het was gewoon “de weg” naar een paar dorpjes, maar gelukkig was het niet druk.

Sowieso doen auto’s hier heel voorzichtig wat fietsers betreft. Ook bij zebra’s en zo stoppen ze al voordat wij hebben bedacht dat we gaan oversteken!

Oh, en kletsen doen we ook natuurlijk. Met onze buurzeilers die hier liggen voor één nacht of langer. De Zweedse mensen van de Alma doen het ook rustig aan. En de Noren, Renate en Henning, met hun mooie Hallberg Rassy ook.

En oh, toen kwam Simon bij ons. Hij maakte een praatje met Hidzer. Hij woont sinds een jaar of 20 in Zweden, nu in Lyrestad aan het Götakanaal. Samen met zijn vrouw maken ze een rondje, maar tegengesteld aan ons. Zij zijn vandaag met hun pas gekochte mooie tweemaster richting Göteborg gegaan en doen Zuid-Zweden dus tegen de klok in.

En het leuke (en lieve) is dat we op hun ligplaats in Sjötorp mogen liggen. Hij neemt nog even contact op met hun buurman, die er ook wil liggen maar waarschijnlijk nog niet in juni. Nou, dat zou erg leuk zijn, dan kunnen we Sjötorp al verkennen voordat het 16 juni is, en hoeven we ons ook niet zo druk te maken over wanneer het (te hard) waait op het Vänern meer. Fingers crossed! We komen ze vast nog wel tegen deze zomer.

We kregen een sms-je van Göta Canal. Dat de waterstand in het Vänern meer wat lager is dan normaal. Ja, dat hadden we al begrepen. De waterval die normaal gesproken eens per week of bij een speciaal feest wordt "geactiveerd", hebben we gelukkig al eens zien stromen. Dit jaar moeten we het missen vanwege die lagere waterstand. Jammer!