donderdag 25 juni 2026

Töreboda en omstreken

Het was nog minder dan een uurtje varen, maar wel een prachtig uurtje, van Hajstorp naar Töreboda. En daar was de lange kade bijna leeg. De Australiër van de Nutshell vertelde dat het vannacht vol had gelegen met boten, maar “you’re lucky, ‘caus they all just left”.

Töreboda is heel anders dan Hajstorp. Minder bomen, minder groen. Maar wel meer stad, met een supermarkt (ICA), een bakker (Konditori) en een benzinepomp (Ingo) vlakbij. Daar hebben we dus lekker gebruik van gemaakt, de afgelopen dagen.

De lange brede steiger, met fietspad ernaast, is opgeleukt met grote bloembakken. Er wandelen en fietsen mensen, maar het is toch hartstikke rustig.

We zaten lekker in de zon toen we hoorden “Hello! How nice to see you here!”. Dat waren Elin en Kristoffer, waar we in Griekenland twee weken mee opgetrokken zijn. Nou, is dat even toevallig! Ze wonen iets ten noorden van Göteborg en hadden hier een mini-vakantie op de fiets.

De auto geparkeerd in Töreboda, op de fiets naar Sjötorp om te overnachten in een stuga, dan terug fietsen naar Hajstorp voor een overnachting en vandaag weer terug naar huis, om nog lekker een week met de boot te gaan. We hebben dinsdag even kort maar erg gezellig gekletst, en vandaag kwamen ze bij ons aan boord. Hun zoontje Alfred, van anderhalf, vond het super leuk aan boord: hij was lekker aan ’t spelen met een autootje van ons, een tennisbal, wilde de boot wel even verkennen, smulde van een soepstengel en gaf bij ’t afscheid een kusje aan de boot. Schattig! Het was erg gezellig!

De Nederlandse meneer uit Töreboda heet Bob. We hebben elkaar een paar keer gesproken de afgelopen dagen, hij is koffie wezen drinken bij ons, en vandaag hebben ze (Bob en Monique) bij ons geborreld en daarna wij bij hen, om hun huis te zien. Mooi met uitzicht op het kanaal. Het was erg gezellig, de uren vlogen voorbij. We volgen hun zoon nu, die volgende week start met een wereldreis op een zeiljacht, samen met drie vrienden.

We spraken ook nog even met een meneer van een zeiljacht uit Hindeloopen, die vond dat het stuk vanaf het Vikenmeer tot hier in Töreboda (hij vaart van oost naar west, is in anderhalve week bijna ’t hele kanaal door) het allerleukst is, “want verder is het steeds hard werken met al die sluizen”.

Ook kwamen er Harlingers voor een praatje, voornamelijk over onze fietsen. Ze willen ook graag deze fietsen en vroegen naar onze ervaringen.

Natuurlijk hebben we ook nog gewandeld en gefietst in de omgeving, waarbij we per ongeluk zelfs op bospaden zonder gravel kwamen. Wat lastig fietsen bleek omdat het soms best mul zand was, maar ach, het bos was vriendelijk zonnig, en we hebben meer dan 15 kilometer geen huis of mens gezien. Ook geen dieren behalve wat vogels, dus dat was weer wat jammer.

Bij ’t begin van die mulle paden stond dit bord, het woordje voor welkom begrepen we, dus we gingen fietsen. Later begrepen we dat de rest betekent “Let op. Vermijd zwaar verkeer tijdens de dooiperiode.” Nou, dat snappen we, op de zandpaden.

Morgen gaan we weer een stukje verder. Iets van vijf kilometer, zonder sluis maar wel drie bruggen. Waarvan de eerste, hier vlakbij, op elk heel en elk half uur opent, behalve om 12:00, 13:00 en 16:00 uur. Geen probleem voor ons, we gaan gewoon om 9:00 uur.

Vlak daarna ligt een spoorbrug, die dmv een lichtkrant de volgende opening aangeeeft. Misschien dat we daar even moeten wachten, maar dat is niet zo erg.  We zien wel, en hebben wel zin in weer een ander uitzicht.

maandag 22 juni 2026

Nog twee dagen in Hajstorp

Nog twee heerlijke dagen in Hajstorp, een fietsdag en een luie dag. We hebben rond het meer Ymsen gefietst, maar helaas was er niet een pad vlak langs het water. Maar daardoor kwamen we wel door prachtige dorpjes en gehuchtjes, langs grote akkers, door mooie bossen, en zagen meerdere kerken. Het was zondag, dus die kerken waren toepasselijk, maar we hebben geen dienst gezien.

De kerken, vijf geloof ik, waren allemaal wit met een donker dak. Niet zo mooi zwart als die in Lyrestad, twee waren bedekt met een soort platen. Bij de kerk van Bäck hielden we kleine pauze.

De kerk was op slot, dat was jammer, want het heeft wel een mooi verhaal. Hier stond een houten kerk. Maar die werd afgebroken voordat het stenen gebouw er kwam, om “obstakels en overlast te voorkomen” staat in de notulen van een kerkvergadering. Notulen uit 1748!

In 1749 werd de kerk gebouwd, met stenen van het inmiddels vervallen middeleeuwse kasteel Ymseborg.  Dat ligt aan de andere kant van het meer, hemelsbreed niet zo ver, maar tja, je moet om dat meer heen natuurlijk. En dat in de 18de eeuw. Dat is best een klus geweest.

Bij een andere kerk, ook op slot, hielden we een lunchpauze. Op een bankje op het kekhof. Het zat er heerlijk, met uitzicht op lager gelegen weilanden en bossen.

We begrepen de teksten op de grafstenen niet zo goed. En onze fantasie slaat gauw op hol, dus we besloten dat Sven Bellinder niet met zijn vriend/man  Hans Maka Ulla in het familiegraf ernaast mochten liggen omdat ze homofiel waren.

Maar op een ander graf zagen we de namen Gunnar Larsson en Hans Hustru Ingrid Engqvist. Hoezo Hans?

Na even googelen bleek het anders dan we dachten. Hans Maka betekent “zijn echtgenote”. En Hans Hustru betekent “zijn vrouw”. Okee, geen familiedrama maar een normale tekst dus.

Op een andere grafsteen zagen we de namen van een vader Herr Sven Anderson (1826 – 1893) en een moeder Maria Vilhelmina (1834 – 1915) waarbij geen eigen achternaam stond, en hun zoon Hilmer Anderson (1855 – 1906). Hilmer was blijkbaar de trots van de familie, in elk geval van de moeder, want er stond bij dat hij Ingeniör was. Alsof je dan een beter mens bent.

Vlak achter ons bankje zagen we dat het looppad over of vlak naast een graf loopt. Een vreemd gezicht.

Natuurlijk namen we ook een paar keer een andere afslag dan we vantevoren hadden bedacht, maar dat hoort een beetje bij ons. Het kwam ook doordat we soms verkeerde keuzes maakten tussen asfalt en gravel. Maar ach, mede daardoor hadden we wel een prachtige route!

Met zomaar een Friese vlag op een hoekje tussen asfaltweg en gravelpad. 

En weer veel lupinen, heuvels, Paasbulten die geen Paasbulten zijn en buiten de bossen hele mooie vergezichten.


Het waren ook echt zomerse dagen, weliswaar niet zo heet als in Nederland of Frankrijk, met code oranje en code rood, maar wij hebben wel vaak even gezwommen en heerlijk in de hangmat gelegen.

zaterdag 20 juni 2026

Een regenachtige dag

De weermannen waren het met elkaar eens en toch ook niet. Alle drie (tenminste, de drie apps die we bekeken) vertelden ons dat het langdurig zou gaan regenen vandaag, en ook nog een beetje onweer. Maar de één zei dat het pas ’s middags zou regenen, de ander voorspelde dat het heel ruim rond lunchtijd droog zou zijn en de derde had het over buien gedurende de hele dag.

We besloten om niet het risico te nemen om ergens ver van de boot nat te worden en bleven het grootste deel van de dag thuis. Een beetje in de kuip en in de stuurhut, want tussen de buien door bleek het heerlijk warm.

Ik deed twee wasjes in de wasmachine en droger. Super dat die dingen hier voor algemeen gebruik zijn, maar thuis gaat het toch een beetje relaxter. Dan is het niet zo erg wanneer het apparaat al een tijdje klaar is voor je ‘m leegt. Maar hier voel ik toch een soort van druk, want stel je voor dat er iemand staat te wachten met zijn/haar wasje. En de programma’s van de wasmachine en de droger duren natuurlijk niet even lang.  Ach, de timer op de telefoon werkt prima en een paar keer heen en weer lopen in de miezerregen is ook niet zo erg.

Van het beloofde onweer hebben we weinig gemerkt. Een donkere lucht, wat donderslagen in de verte, meer niet. Maar de dreiging was best serieus, waardoor een paar bruggen niet openden!

Aan het eind van de middag kwam de zon en bleef het droog. We liepen nog een stuk langs het kanaal: over het fietspad heen, via de rullbro naar de andere kant, en over een gemaaid voetpad (geen idee wie dit heeft gecreëerd) en “onze” sluis weer terug. Het was broeierig warm, dus daarna was het lekker om even te zwemmen.

Marit had de haren van haar grote hamster gekamd (hebben we twee jaar geleden samen gewonnen bij de AH in Nederhorst den Berg) en was helemaal klaar voor de wedstrijd Nederland-Zweden, wij moesten het doen met een mini-hamstertje. Maar het heeft gewerkt! We hebben de wedstrijd gezien maar niet luid gejuicht, want we zijn immers omringd door allemaal Zweden.....

vrijdag 19 juni 2026

Feest: Midsommar!

Op het internet lazen we:

Midsommar i Hajstorp. Dans runt Midsommarstången. Kl 16:00

Nou, dat is duidelijk. We hadden van Indigo-Jan en van een Nederlandse meneer die hier in Töreboda woont gehoord dat het een belangrijk feest is. Zoiets als Kerst. Iedereen is vrij, gaat zo veel mogelijk in het wit of lichtgeel gekleed, meisjes en vrouwen in jurken met een bloemenkrans in het haar. Er wordt uitgebreid geluncht, met aardappelsalade, haring en (veel) drank. Met als toetje Jordgubbstårta: een luchtige aardbeiencake gevuld met royale lagen verse aardbeien en slagroom. Die taart kun je ook bij de koffie doen hoor.

Maar gisteren zagen we bij de ICA dat de aardbeien per doosje ongeveer 9 euro kosten! De Nederlandse meneer uit Töreboda, die Simon ook kent, vertelde dat dat elk jaar zo is, vanwege Midsommar. Morgen is de prijs weer gedaald. En het zijn ook nog aardbeien uit België nota bene!

Wij hebben heerlijk gewandeld vandaag, ten oosten van het kanaal. Langs en door bos, langs een paar terpen (maar dat zullen wel met grond bedekte rotsen zijn denken we), door weilanden en langs graanvelden. Asfalt gaat ook hier zomaar over in onverhard, maar vandaag zijn we niet verdwaald.

Langs die onverharde paden staan veel blauwe borden met een witte M. De M van Mötesplats. Dat zijn passeerplekken. 's Winters waarschijnlijk heel nuttig, deze aanwijzing, want aan de zijkanten van de wegen zijn vaak greppels of rotsen. 

Al zijn de schuren nog zo oud, en misschien niet eens meer in gebruik, het gras er om heen wordt keurig gemaaid. We blijven ons daarover verbazen.

We picknickten op een bankje bij een wat truttige tuin van een huis, waar de trein naar en van Töreboda vlak achterlangs rijdt. Maar we waren erg blij met het bankje, want onderweg hadden we geen geschikte omgevallen boom of schone rots gezien en we waren wel aan een pauze toe.

Op het laatste stukje langs het kanaal hebben we een Alnsten op de foto gezet. We hadden er al veel meer gezien, want de genummerde blokken kalksteen staan langs het kanaal naast het fietspad. De afstand ertussen is 1000 ellen, dat is 594 meter. Vroeger rekenden de ossenmenners die de boten met hun span ossen door het kanaal trokken per elsteen die ze passeerden.


Mooi hoor, dat deze stenen nog steeds bewaard zijn. En dat er rondom gemaaid wordt. We vinden het ook zo mooi dat de boot aan eeuwenoude ringen in eeuwenoude rotsblokken ligt. Dat is toch veel mooier dan de moderne bolders? 
 

We waren tegen twee uur terug bij de boot, en tot onze verbazing was het best druk aan beide kanten van het kanaal. Veel auto’s (en natuurlijk veel campers op de camperplaats vlakbij), en heel veel mensen op de fiets. Met picknickmandjes. Er werd uitgebreid geluncht in groepjes, het zag er erg gezellig uit. En het duurde en duurde, er was veel te eten en te drinken meegenomen.

Het weer werkte enorm mee, want het was heerlijk zonnig maar niet superwarm. We hebben nog lekker gezwommen, maar moesten kort wennen aan de temperatuur van ’t water. Maar ach, toen we een half uurtje later weer gingen zwemmen viel het al weer erg mee.

Tegen vier uur liepen we naar het sluiscafé, want op het grasveld daar was de Midsommarstången neergezet. Er waren muzikanten (accordeon, fagot en bas) die volksliedjes speelden. Rondom hen, en rond die Midzomer-meiboom, was een grote kring met dansers. Nou, dansers, mensen die probeerden te dansen. Kindertjes konden het nog niet zo goed, mannen met drank op niet meer zo goed.



Maar zelfs jongens van een jaar of veertien deden serieus en leuk mee. Het hoogtepunt was de Små Grodorna. Het leek wat op de vogeltjesdans, maar wij dachten eerst dat het over haasjes ging. Bleek niet zo te zijn. Het is de in Zweden beroemde Kikkerdans, waarbij je met bewegingen de lichaamsdelen moet uitbeelden die een kikker mist. Zoals oren en staart.

Het was wel leuk om te zien, en ’t was na een half uur ook al weer afgelopen. Feestvieren in Zweden gaat toch wat anders dan feestvieren in Nederland. Wij namen aan boord, in de zon, ook maar een drankje. Hidzer met de ingelegde haring, dus die is al een halve Zweed, haha!

donderdag 18 juni 2026

Negen sluizen verder, nu in Hajstorp

We hebben een luxe probleem. Wat het aantal dagen van deze reis betreft. Okee, we weten nog niet of we veel slecht weer krijgen waardoor we in havens moeten blijven liggen, maar hier, in het binnenland, hebben we veel tijd.

Er zijn nog 13 plekken (steigers/havens) waar we willen aanleggen. En als we op 1 augustus door het kanaal heen willen zijn, hebben we dus nog ruim 40 dagen. Dat betekent gemiddeld drie nachten per aanlegplek.

Hier in Norrkvarn hadden we volgens dit schema nog twee dagen moeten blijven, maar dat doen we niet. We willen het Midzomernachtfeest in Hajstorp meemaken, en daar een paar dagen blijven liggen.

Samen met het Noorse motorjacht Utopia deden we de 9 sluizen en twee bruggen. Die sluizen waren drie dubbele en een triple-sluis. Ze lagen zó dicht achter elkaar dat we geen tijd hadden om koffie te zetten! We zijn vandaag ongeveer vijf kilometer verder gekomen. Dat klinkt als een muizenstapje maar toch zijn we zomaar 22 meter hoger.





En toen hadden we weer heel veel geluk. Aan beide kanten van het kanaal mag je aanleggen, maar aan de ene kant is stroom en een sanitair-gebouw waar je ook afval kwijt kunt, en aan de andere kant is niks. Maar ook daar lig je mooi hoor. Wij wilden graag aan de stroom-kant. Niet dat we dat nodig hebben waarschijnlijk, maar ja, we willen hier een paar dagen blijven en je weet maar nooit. Ach, als de accu’s wat leeg raken kunnen we altijd even de motor aan zetten, dus we maken ons niet zo druk daar over.

Maar er was nog één plekje vrij waar we precies passen. Super! En de zon brak nu vol enthousiasme door, dus we waren erg blij. Na de lunch zetten we de fietsen op de wal om met een omweggetje naar Töreboda te fietsen. Hier in Hajstorp is behalve een sluiscafé niets. Tja, er wonen slechts 60 mensen. Maar Töreboda, een kilometer of vijf wanneer je rechtstreeks langs het kanaal fietst, is een heuse stad.

We wilden even naar de Systembolaget. Want ik wilde graag een wijntje. En alcoholische dranken kun je niet in de supermarkt kopen. Men verwacht hier dat wanneer je alcohol niet zo gemakkelijk kunt kopen er ook minder problemen komen. Dus ’s weekends zijn de winkels gesloten en er wordt geen reclame gemaakt, en er zijn geen aanbiedingen.

Zo’n Systembolaget staat niet op een afgelegen plek op een industrieterrein, nee, gewoon naast de supermarkt. Als een slijterij zeg maar. Je hoeft je auto niet eens te verplaatsen. Er staan winkelwagentjes bij de ingang. En het was druk! Misschien speciaal voor Midsommar, dat is morgen, maar misschien ook wel altijd vlak voor het weekend.

Ik kocht een box Pino Grigio, en dat was heel bescheiden ten opzichte van andere klanten. Dus of je er nou echt minder van gaat drinken omdat je naar een speciale winkel moet betwijfel ik.

In de ICA verbaasden we ons over de knalblauwe bloemen. Laatst zagen we dat witte bloemen verf opzuig
en en zo felgekleurd worden, nou, dat hebben deze ook gedaan.


En er rijdt een grote stofzuiger-dweiler rond. Geautomatiseerd. Grappig!


Bij de kassa is ook hier een “ik til je mandje wel even op machine”. Ook al zo leuk! Je rijdt je mandje op een plaat en die gaat automatisch naar boven. Nu hoef je niet te bukken om je boodschappen op de band te leggen.


We reden nog even langs de lange steiger waar we over een paar dagen willen gaan liggen. Omdat het vanmiddag best hard waaide was het nu niet eens zo’n mooie plek. Wij liggen lekker in de luwte.

Op AIS zagen we dat een paar jachten die het net als wij rustig aan wilden doen al ver vooruit zijn gegaan. Ja, als je overal één nachtje blijft ben je in twee weken het kanaal al door. Dus rustig aan doen is dan relatief rustig aan doen.

woensdag 17 juni 2026

Een klein stukje verder, naar Norrkvarn

Eén van de leuke dingen aan het Göta Kanaal is het feit dat de bruggen en sluizen pas om 9:00 uur bediend worden. En omdat ze redelijk dicht bij elkaar liggen kun je lekker rustig aan doen.

Wij zaten nog aan het ontbijt toen de lockkeeper kwam. Hij vertelde dat passagierschip Wilhelm Tham er aan kwam. Die wilde even aanleggen om water te tanken, of wij even konden opschuiven. Natuurlijk deden we dat, en de Nederlanders achter ons (uit Enkhuizen) maakten van de brugopening gebruik om verder te gaan. Wij maakten ons ontbijtje af en ik ging naar de ICA.

In de zon, en in ons eentje, vervolgden wij later ook onze weg. Twee bruggen bij Lyrestad, waarvan eentje van de verkeersweg, en twee enkele sluizen later, in totaal nog geen drieënhalve kilometer verder, legden we weer aan. In Norrkvarn. Het is een gehuchtje waar ooit een molen bij een klein riviertje stond. Tijdens de bouw van het Kanaal is hier flink gegraven, en een info-bord vertelde ons dat er zelfs een groot ziekenhuis annex kantoor heeft gestaan. 

Een stevige lange steiger met heuse boomstammen als bolders, vlak na de sluis, aan een ouderwets mini-waterparkje voor kinderen. Bij een hotel waar het een komen en gaan was van (fietsende) toeristen. Een prachtig plekje!

We maakten een picknick-maaltijd klaar en gingen wandelen. Eerst een eind ten westen van het kanaal en dan langs het kanaal weer terug. Hadden we gedacht. Maar natuurlijk verdwaalden we weer. Hoe moeilijk kan het zijn? Nou, voor ons best moeilijk dus. Want als asfalt ophoudt met asfalt en gravel wordt, en we zien een huis of boerderij staan in de verte, zonder straatnaambordje, dan denken we dat het een privé-weg is. Dus die afslag namen we niet. En de volgende ook niet. Tot we weer eens op Google-Maps keken en zagen dat we veel te ver waren gelopen. Geef niet, want het was hartstikke mooi en we liepen over een rustige gravel-weg.

We kozen gravel richting het kanaal en waren blij verrast dat er zomaar een picknickbankje stond! Waarschijnlijk van de boerderij vlakbij, maar we hebben er lekker gebruik van gemaakt.

Het bleef heerlijk zonnig en warm vandaag. Af en toe kwam er een boot langs, en uiteindelijk kwamen er vier bij ons liggen.

Men houdt hier relatief veel van stoere auto’s. Met extra koplampen op de grill (het lijken wel verstralers) die ’s winters op die gravelwegen super handig en ook wel noodzakelijk zijn. En we zien veel Amerikaanse auto’s. Van die Elvis Presley auto’s en stoere pick-ups. Die je al van ver aan hoort komen trouwens.

Oh, we hadden al bedacht dat grasmaaien een belangrijke hobby is, maar poetsen ook! Vooral het poetsen van die lange auto’s en het chroom van brommers. Echt, je hebt je zonnebril nodig als ze langskomen, zo erg glimt alles.

dinsdag 16 juni 2026

Nu echt op pad op het Göta Kanaal

Voor de laatste keer liep ik naar “mijn vriend” in het winkeltje om lekker brood te halen. De Finnen, die bij ons in de kom liggen willen ook door de sluis, maar denken dat het niet past tegelijk met ons. Schipper Fin heeft het zelfs nog even aan de lockkeeper gevraagd. Maar natuurlijk past het wel.

Wij moesten maar als eerste, zei meneer Fin. Dat vinden we geen probleem hoor. Het is wel zo dat je vooraan meer last hebt van het binnenstromende water, maar dat is ook afhankelijk van de positie van de boten en van de lockkeeper.

Want ergens onder in de sluisdeuren gaan poortjes open. En de lockkeeper kan met zijn/haar afstandsbediening een poortje in één van de deuren openen, of in beide tegelijk. En hij/zijn kan ook nog managen hoe snel het poortje open gaat. Op een semi-kiertje of direct voluit.

Wij wilden naar Lyrestad toe, en dat betekent 7 sluizen waarbij ook nog eens twee bruggen geopend moeten worden, en daarna, vlak bij Lyrestad een rullbro en een svängbro. Een rollende brug en een draaibrug.

Voor die draaibrug, dat is een spoorbrug, moesten we een half uur wachten. Dat werd niet aangegeven, maar toen ik de Göta-club belde zou een mevrouw even navragen in Töreboda en even later belde ze terug om te vertellen dat de brug om tien voor twaalf zou draaien.

Het sluizen ging prima. Wij waren relaxed, de Finnen ook. Wij deden het op de Göta-manier: een lange lijn vanuit de kuip door het gangboord naar voren. Ik nam de lus aan de voorkant mee, stapte op het afstapsteigertje (dat scheef voor de sluis ligt, dat vergt heel wat gemanoeuvreer van Hidzer), en belegde de lus om een dikke stevige ring in de sluiswand.  Hidzer trok de lijn strak, deed ‘m om de lier, gooide ook nog de achterlijn naar boven die ik belegde op een andere ring.

Mijn taak was slechts om af en toe een aanwijzing te geven wanneer de kop van de boot wat van de wal af week, Hidzer moest met de lier de voorlijn strak houden.

Waren we hoog in de sluis, dan maakte ik de lijnen los en stapte aan boord. Of: bij een dubbelsluss liep ik met de lijnen in de hand mee naar de volgende sluis en belegde ze daar om de ringen.

Klinkt simpel, is het ook, maar je moet even weten wat je moet doen en dat dan ook echt doen. De Finnen hadden blijkbaar geen echt lange lijn, dus Opstapper Fin moest op de wal de kop van de boot aan blijven trekken. Nou, met wat tegenstroming van water had hij daar een flinke klus aan. Maar alles ging goed hoor.

Om even over twaalf lagen we lekker in de zon in Lyrestad. De Finnen gingen door. We wilden net gaan lunchen toen Indigo-Jan en zijn vrouw op de fiets langskwamen. Zij raadden ons de Zweedse haring aan, dat een traditionele lekkernij voor Midzomer is, en brachten ons even later twee potjes. Leuk! Hidzer vindt beide lekker, zowel die op azijn als die op saus, ik geef de voorkeur aan de laatste.

Vanmiddag gaf Hidzer nog een upgrade aan de zwemtrap die in de sluizen dienst doet als mega-stootwil, ik liep even naar de kerk. Vanaf de Middeleeuwen staat hier al iets kerkerigs, maar de vorm en grootte is in de loop der eeuwen heel erg veranderd. Van buiten is het een markant gebouw met die witte muren en dat zwarte houten dak. Net als in Sjötorp, maar nu, waarschijnlijk door het warme weer, rook ik een teerlucht, waar het hout mee wordt onderhouden. Binnen is het licht en wit met oude elementen.

Het was een heerlijke warme dag, we hebben lang buiten kunnen zitten. Zou de zomer dan echt begonnen zijn?