We wilden de opening van de Göta-Älvklaffbro om 9:35 halen en zijn ruim op tijd naar de wachtsteiger gegaan. De brugwachter vertelde dat we rond half tien alvast naar de brug konden varen, dan zou hij de brug bedienen.
.jpg)
.jpg)
Alles
verliep prima, tegelijk met ons gingen drie zeiljachten vanaf de andere kant
door de brug. Een paar kilometer verderop staat een lage spoorbrug. Via
hetzelfde marifoonkanaal riep ik dezelfde brugwachter op, die bijna verbaasd
reageerde. Hij zou de trein bellen en ons terug oproepen.
Dat gebeurde
en de mededeling was dat we een half uurtje moesten wachten, en dat we er dan
misschien door konden. Hij zou ons oproepen.
Bij gebrek
aan beter gingen we aanleggen aan een verboden reuzesteiger. Duidelijke borden
dat dit niet mocht, maar ja.... We zijn Nederlands, we zijn toerist, er ligt
verder niemand en er is geen andere mogelijkheid.
.jpg)
.jpg)
Het leverde
ook geen enkel probleem op hoor. We hadden tijd genoeg voor kofffie met taart. De
brugwachter riep ons op, hij draaide de twee spoorbruggen (die vlak achter
elkaar liggen) en we sjeesden vlotjes verder.
Even later
hoorden we de Belg op de marifoon. Hij wilde graag een opening voor de hefbrug,
maar moest ruim anderhalf uur wachten. Tenzij er een vrachtschip aan zou komen
waar de brug ook voor geheven moest worden, maar dat wist de brugwachter nog
niet.
De Göta Älv
deed ons denken aan het zuidelijk deel van de Donau. Met veel oude meuk op de
wal in de zin van oude fabrieken, verwaarloosde boten, oude woonboten, en
vooral: boomstammen! Toen we vertrokken van de wachtsteiger konden we gelukkig
een flinke boomstam (wel zes meter lang) ontwijken, en we zagen veel van die
obstakels half op de wal en half in ’t water liggen.
.jpg)
De meerpalen
hebben ook hier van die rare uitsteeksels. Je kunt zien waar je bent, want de
aanduidingen staan ook op de kaarten, maar wij zijn het duidelijk niet gewend.
Juist als plezierboot wil je de rand van de vaargeul aanhouden, maar gaat hier
dus niet goed. Mooi wat meer in ’t midden varen dus. Nou was dat geen probleem, want het was erg
rustig. We zijn twee zeiljachten en een Nederlandse coaster uit Spijk
(Groningen) tegengekomen. De zon scheen, het was echt leuk om hier te varen.
.jpg)
Toen we de
stad uit waren was er her en der nog wel industrie, maar we keken meer naar de
bergen. Bijzonder hoor!
.jpg)
We liggen nu
sinds half twee aan een steiger bij het Bohus kasteel. De voorloper hiervan
werd al in 1250 gebouwd door een Noorse koning. Na eeuwenlange oorlogen en
belegeringen, in bezit van Noren en Denen is het nu al een tijdje Zweeds en kun
je er eten, trouwen, het museum bekijken en leren over de geschiedenis ervan.
Dat geloofden we wel. Wij wilden het stadje Kungsälv, waar het kasteel nu bij hoort, bekijken. De buitenwijk is erg leuk, met een keienweg en prachtige huizen.
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
Toen we verder in ’t centrum kwamen bleek dat op een enkel terras na wat uitgestorven en deed het ons denken aan een anonieme stad. Dan maar weer terug naar “onze” buitenwijk. Daar zijn we de kerk nog even binnengeweest omdat er werd geoefend door een koor.
.jpg)
We liepen nog een rondje om het kasteel en
luierden daarna lekker in de zon in de kuip. Heerlijke dag!
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)