zondag 2 augustus 2026

Langs de mooiste rotsen naar ons ankerplekje op de Lindödjupet.

Ze hielden ons bezig hoor, die rotsen! En oh, wat mooi!

We hadden gisteren een soort doel voor vandaag bepaald. Weer een doel waar we van af mochten wijken natuurlijk, maar we hadden ongeveer bedacht waar we naar toe wilden varen, en wat een alternatief zou kunnen worden.

Ook hadden we bedacht dat we op tijd wilden vertrekken. Wakker = vertrek. Zo ongeveer. Nou, en wakker was om even over vijf. Vroeg ja. Maar slapen wilde toch niet, dus we hebben thee gezet en zijn vertrokken. We voeren eerst een stukje richting het oosten, naar de betonde vaarweg, en volgden die tussen de rotsen door richting het zuiden.


Het viel niet altijd mee hoor, om onze weg te vinden. Nee, we zijn niet verkeerd gevaren, maar zelfs met onze digitale kaart erbij was het soms zoeken naar de juiste rots. Ze leken soms verder weg dan in werkelijkheid, soms dichterbij. Dat lag aan ons hoor, niet aan de kaarten.


Al varend hebben we ontbeten, koffie met koek gehad en geluncht. Dat kon best tussen het genieten door. Want dat deden we hoor, genieten. Jonge jonge, wat een mooie rotsen. Zo gevarieerd, super!

Soms liep onze vaarweg door een bijna-IJsselmeer, zo breed, maar soms was het zo smal dat je elkaar nauwelijks zou kunnen passeren. En het gekke is het dat naast zo'n rots zomaar twintig meter diep is!

Vandaag was het ook de dag van vuurtorens. Grote en kleine. We hebben best veel gezien, soms wat verscholen achter een boom, soms stond een oude nog naast de nieuwe, en ze zijn allemaal anders. Leuk!





Het begon steeds harder te waaien, dus we namen een ommetje door de scheren. Nog meer rotsen en twee grote baaien. Hier heel veel bomen op de rotseilanden, maar ook weer veel rotsen onder water, dus we hielden de boeien goed in de gaten.

Drie mogelijke ankerplekken keurden we af, vanwege de harde wind, maar de vierde optie is misschien ook wel weer de mooiste: via een smal vaarwater, kwamen we op een grote baai met brede opening naar de zee, tien kilometer verderop. Het heet Lindödjupet. 



Ongeveer zes kilometer hemelsbreed van de stad Västervik, maar daar merken we niets van. De wind komt uit het zuiden en zuidwesten, dus dat is gunstig. In onze hoek staan bomen en af en toe een huis. We denken dat het hier een zanderige bodem is, want tja, het staat op de kaart. En er liggen privé-ankerboeien waar boten aan liggen.


De zon schijnt, dit is weer prima plek!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten