Het verveelt ons nog niet, hier liggen in Sjötorp. Niet dat er veel te doen is, maar we zien van alles. Dinsdag belde ik met de organisatie van het Göta Kanal en we mochten woensdagochtend door sluis nummer 1. Om een uur of half negen.
Het sluiswachtershuis is in 1857 gebouwd, en er hebben houthakkers, een timmerman en een chauffeur gewoond die als bijbaan sluiswachter hadden. Of andersom, dat kan natuurlijk ook. Nu is het het ticket-office van het kanaal.
.jpg)
De meeste sluiswachtershuizen zijn te huur. Als woonhuis. Momenteel is er geen huis vrij volgens de site, maar het lijkt ons wel leuk wonen. Sommige staan natuurlijk in het midden van nergens, andere bij een dorp.
Woensdag ben ik tegen kwart over acht naar het oude sluiswachtershuis gelopen. We hadden begrepen dat er zeven boten in konvooi zouden gaan, en verwachtten dat wij daarna geschut zouden worden. Maar de lockkeeper vertelde dat we als eerste zouden gaan, dan zouden de groepjes direct aan elkaar wennen.
In het ticket-office kreeg ik een sticker voor aan de reling en een leuk informatieboekje met twee pasjes voor de musea en de sanitairgebouwen.
.jpg)
Terwijl de andere bootmensen hun ding deden in het ticket-office liep ik naar de boot, we voeren vijftig meter en gingen de sluis in. Alles ging prima. Dat kan haast niet anders, want in de eerste sluis hoef je nog bijna niets te doen. De lockkeeper neemt de lijnen aan en belegt ze, en ze vroeg of we er klaar voor waren. Dat waren we.
.jpg)
Toen kwam het water binnen. Van onder de sluisdeuren. Het lijkt erger dan het is: als je maar zorgt dat de boeg redelijk dicht bij de sluismuur blijft is er niets aan de hand. Het ging prima.
.jpg)
We gingen aanleggen in het eerste bekken, aan de eerste meters van de ruim 6000 aan aanlegsteigers in het kanaal. En toen vlug weer terug naar de sluis, want we hadden al in de gaten dat het niet bij iedereen zo makkelijk zou gaan.
Nou, het werden anderhalf uur vol vermaak! De tweede groep was bijna saai, zo goed ging dat, maar in de eerste groep ging er veel bijna fout. Een Engels zeiljacht met vier mensen aan boord begreep in eerste instantie niet hoe 't moest maar leerde wel snel.
Maar een Australisch jacht (nieuw gekocht in Duitsland) had een eigenaar/schipper die het allemaal wel wist (niet dus), en was duidelijk de baas. Met als gevolg dat zijn vrouw en het andere echtpaar aan boord niets deden als hij niet zei wat er moest gebeuren.
Tja, en toen wilden ze afduwen met uitschuif-pikhaken die door de druk in elkaar schoven. Paniek! Op het voordek wilde de echtgenote de boot gewoon aan de landvast vasthouden maar dat lukte haar niet. Paniek! En toen hingen de fenders te hoog. Paniek!
De lockkeepers (drie in totaal) probeerden zowel de Engelsen als de Australiërs van alles nogmaals uit te leggen, maar bij de Australiërs ging dat wat moeizaam. Tweehonderd meter na de eerste sluis liggen de tweede en derde sluis. Een dubbelsluss heet het: ze liggen direct na elkaar. Van de ene vaar je de andere binnen.
Maar: hier moet iemand afstappen en met de lijnen op de wal naar voren en boven lopen. De schipper blijft aan boord. De Engelsen wilden met de punt van de boot naar de afstapsteiger, maar dat is een vreemde manoeuvre. Uiteindelijk stapte mevrouw toch maar halverwege het schip af.
De Australiërs voeren de sluis al in en vergaten dat er iemand af moest stappen. Paniek! Het duurde even maar ze kwamen toch netjes de sluis in. Toen was het nog een gedoe hoe je de lijn moet beleggen aan de grote ringen op de wal. De meneer die afgestapt was vertelde dat hij moest luisteren naar de schipper en dat die wist hoe het moest. Nou, niet dus. Uiteindelijk namen ze raad aan en toen ze vertrokken zwaaiden ze en bedankten voor de goede raad.
Ha, we verheugen ons al op het volgende konvooi!
We zijn ook nog een eind gaan fietsen, naar het noorden. Over rustige wegen en een enkel gravel pad, heuvel op en heuvel af, door bossen en langs het Vänern meer. Een heerlijke dag, waarbij we picknickten aan het water.
.jpg)
We zagen af en toe een soort Paasbult. Maar ja, Pasen is al geweest. Nou, het blijkt resthout te zijn na het kappen van bomen. Van privé-eigenaren of van een bosbouwmaatschappij. Wat ze er mee gaan doen weten we niet, misschien in de spaanplaat-industrie of misschien maken ze er aanmaakhoutjes van.
.jpg)
Tijdens het laatste deel van deze fietstocht (waarbij we wel weer een keer verkeerd reden, maar ach, dat zijn we gewend) kwamen we langs graanvelden en weilanden. Met de mooie lupinen in de bermen, waar we nu een beetje anders naar kijken.
.jpg)
Bijna elke dag loop ik naar de winkel. De (volgens mij oorspronkelijk Indiase) eigenaars verhuren ook fietsen, beheren een pension en deze winkel. Het is niet groot, maar ze hebben heerlijk brood. Ze bakken het vaak speciaal voor me. Want het is nog geen hoogseizoen dus ze hebben niet veel voorraad. Gebakken voorraad. De vriezer ligt vol, en als ik na een poosje (minstens 12 minuten) weer terugkom ligt het brood nog lekker warm op mij te wachten.
.jpg)
Soms doet meneer er een saaie bruine papieren zak om, maar vandaag lag het klaar in een mooie zak met een hartvormige sticker met de tekst "elke dag liefde".
.jpg)
Zo liggen we nu. Twee nachten in ons eentje, maar sinds vanochtend met zijn drieën. Gisteren spraken we de meneer van de Indigo, die we in Göteborg en Trollhätta ook al hadden ontmoet, en gaven hem de tip om te vragen of hij hier ook kon komen liggen. Dat deed hij. Hij kwam nog even vertellen dat hij vanochtend in zijn eentje tegen kwart over acht geschut zou worden, en eigenlijk vond hij het wel erg fijn dat Hidzer met hem mee ging.
.jpg)
Het ging prima met de mannen (hij heeft een ingewikkelde naam maar laat zich Jan noemen). De andere vijf boten in het konvooi was weer leuk om te zien. Het ging niet zo gek als met die Australiërs, maar we hebben ons weer prima vermaakt. Je zou bijna stoelen meenemen en koffie met koek.......
Geen opmerkingen:
Een reactie posten