Ha, we hebben het weer getroffen: we liggen op één van de mooiste plekjes in de haven van Söderköping (spreek uit als Seudersjeuping). Aan vingersteigers, met de kont van de boog naar de wal. De wal is hier een boulevard. Met veel, heel veel, flanerende mensen. Veelal Zweden, die we niet verstaan dus we luisteren niet naar ze en storen ons er niet aan. Trouwens, als je je daaraan zou storen moet je hier natuurlijk niet gaan liggen.
Wij liggen als enige met de kont naar de wal, en omdat onze kuip zo lekker beschut is zien de mensen ons nauwelijks. De boot valt op, door vorm en kleur, en de vlag valt op. Dát verstaan we wel, dat ze 't over Holland hebben.
Oh, en wat we hier ook treffen: kloppers. Hebben we al vaker gehad, maar hier elke dag terwijl we aan boord waren wel vijf keer! Dus als we er niet zijn, misschien nog wel veel meer. Kloppers zijn veelal oudere mannen, die even willen weten of de boot van staal gemaakt is. Na het kloppen horen we vaak een tevreden gehum.
We liggen dus met de kont naar het stadje, en met de kop naar een berg. Een best steile berg. Mooi! Oh, en wat de boulevard betreft: heel veel caféetjes en restaurantjes, waar mensen ook wanneer het knap waait lekker op het terras blijven zitten. Verderop zijn zaken waar muziek gedraaid wordt, bij ons is het lekker rustig. Er zijn ook minstens 4 ijssalons, waarbij er eentje aardig beroemd is. Mensen staan er lang voor in de rij, voor zowel de handijsjes (bekertjes of hoorntjes), als voor de sorbets op het terras. Dat terras zit 's ochtends om een uur of elf al vol, en dat blijft zo.
De kapster (ja, het was echt nodig dat ik naar de kapper ging, Hidzer wilde me bijna niet meer aankijken), vertelde dat we daar geen ijs moesten eten, ze wist een betere zaak: naast de systembolaget. Nou, we waren 't ook niet van plan hoor: een sorbet kost ongeveer 16 euro!
Aan 't begin van de haven staat aan het fietspad een bord dat zegt dat hier konijnen oversteken. Nou, dat doen ze ook: hele grappige beeldjes van konijntjes. En het leuke is dat aan de overkant ook konijntjes willen oversteken!
We zijn een paar keer de stad doorgewandeld, langs het oude riviertje, grote gebouwen vrolijk gekleurde huizen. De rode kerk stamt al uit de Middeleeuwen en is één van de weinige hier die volledig van baksteen gemaakt was. Dat wat er nu staat is natuurlijk al vaak verbouwd en herbouwd, na schade door brand en overstromingen. De zwarte klokkentoren vinden wij zeer geslaagd.
Bij het Raadhuis staat een oude telefooncel. In de jaren tachtig waren er ongeveer 44.000 van zulke (mooie!) telefooncellen in Zweden. Nu is er een geluidsbox in geplaatst en kun je door op knoppen te drukken Zweedse gedichten horen.
We hebben een flinke wandeling gemaakt, waarbij volgens ons geen tweehonderd meter vlak was. Zelfs aan de rand van het graanveld merkten we iets heuvelachtigs. Maar oh, wat leuk. Ongeveer vijftien kilometer, lekker intensief en enorm afwisselend.
Per ongeluk namen we verkeerde afslagen (drie keer), vandaar wat extra kilometers. Het pad was soms goed aangegeven maar soms ook niet.
Het laatste gedeelte, door het bos, was bijna wat sinister. Heel veel rotsen met mooie mossen bedekt, we waren blij dat het een licht bos was, anders was het bijna eng geweest misschien. En ook waren we blij dat het droog was (geweest), want het klimmen en dalen was waarschijnlijk geen pretje als de rotsen glad van de regen waren.
Vanaf Söderköping vertrekken er dagelijks drie rondvaarboten, elk met hun eigen route. We vinden het lelijke schepen, met akelige schippers. De Viktoria had niet eens mooie weidepaaltjes als stootwillen, maar halve berkebomen. Op de (vroege) ochtend van onze wandeling zagen we dat er iemand de roestvlekken even met witte verf bestreek....
Desondanks vinden we ook Söderköping een aanrader. Evenals alle andere aanlegsteigers, haha. We zijn fan van het Göta Kanaal, en verheugen ons op de laatste haven: Mem!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten