zaterdag 4 juli 2026

Een paar dagen in en rond Forsvik

Forsvik ademt verleden. Het wordt gewaardeerd, maar niet gekoesterd. Het museum waar de geschiedenis van Forsvik wordt getoond, is een openluchtmuseum met potentie. Allemaal wat knullig zeg maar.

Er staan wat oude gebouwen, in een paar wonen mensen en in een fabrieksgebouw is een theater en theaterschool gevestigd, maar het heeft volgens ons een flinke upgrade nodig.

Maar goed, onze (privé)gids was erg aardig, vond onze vragen soms lastig, we hebben het complex bekeken en dankzij haar hebben we veel opgestoken. Want zij sprak Engels terwijl alle summiere info in het Zweeds was. Tja....

Waar eigenlijk heel weinig aandacht aan besteed wordt hier in Forsvik, is het leven van Elisabeth Cronström. De oude meuk aan ovens en technieken krijgen veel aandacht, maar ik vind het leven van Elisabeth minstens zo interessant.

Ze is geboren in 1688 in een familie die een aantal molens had in het midden van Zweden. Het gebied dat vooropliep op het gebied van mijnbouw en metaalbewerking.

Ze trouwde op haar twintigste in Göteborg (hemelsbreed iets van 350 kilometer afstand, en dat in 1708!) met Sebastian Tham. Hij was erg rijk, 22 jaar ouder dan Elisabeth, al twee keer eerder getrouwd geweest, en ze kregen binnen 15 jaar tien kinderen. Tien!

Sebastian stierf  in 1724. Had een vermogen wat nu omgerekend iets van 10 miljoen euro zou zijn. Elisabeth, toen nog maar 41, was voor ’t eerst in haar leven handelingsbekwaam. En kreeg dus het recht om haar eigen bezittingen (en die haar nog jonge kinderen hadden geërfd) te beheren.

Lang verhaal kort: ze was een handige zakenvrouw met aandacht voor mensen. Forsvik Bruk, dat ze erfde , was al een klein industrieel complex. Eerst gericht op hout. De waterval waar het Vikenmeer in het Bottensjön en Vättern stroomde was het centrale punt, en de watergedreven zaag hier in Forsvik is de eerste zaagmolen die schriftelijk wordt vermeld. Ooit werd hier hout gezaagd voor het klooster van Vadstena.

Toen kwam de tijd van de ijzergieterijen. Elisabeth breidde haar imperium uit met smederij en metaalgieterijen.

Maar wat we heel bijzonder vonden (nou, dit alles was al heel bijzonder natuurlijk), is dat ze zich zo op mensen richtte. Ze liet arbeiderswoningen bouwen, en een school en kerk, zorgde voor voedsel en een dokter.

Onder haar leiding werden steeds meer percelen in de buurt aangekocht, dus het complex breidde zich enorm uit en het werd een fabrieksdorp. Nou, meer een fabrieksdorp op een enorm landgoed. Erg belangrijk voor boeren, arbeiders, ambachtslieden en hun families. Toen ze in 1771 stierf, 81 jaar oud, bezat ze ongeveer 70 grotere en kleinere panden, molens en hoogovens, zagerijen en molens.  Het was een power-woman dus!

We zijn hier in totaal vier nachten gebleven, hebben veel gefietst en gewandeld, af en toe een voorspelde bui gehad, maar het was steeds lekker warm dus we klagen niet. Integendeel!

Het is een prachtige omgeving. We zijn het hele Bottensjö rondgefietst, langs  waarschuwingsborden voor rendieren, paarden en soldaten maar we hebben ze niet gezien. Ha, we waren na een kilometer of veertig trots op onszelf dat we niet verdwaald waren, tot we in het bos weer op hetzelfde kruispunt kwamen. Het heeft niet te maken met onvermogen om kaart te lezen, maar we hebben geen zin om de telefoon te horen zeggen waar we naar toe moeten. Dus proberen we de route te onthouden maar dat gaat weleens mis. Geeft niet, op de fiets is alles goed te doen, en onze nieuwe fietsen helpen ons vrolijk de bergen op. Er is werkelijk geen 500 meter vlak, het daalt en stijgt als een malle soms.

Op een fietstocht de andere kant op, meer zuidwesten, zagen we wel dieren. Niet op borden, nee, in het echt. Reeën, heel veel hazen, zes slangen (!) en twee gezinnetjes kraanvogels. En een rode kerk. Vinden we toch bijzonder, want tot nu toe hebben we steeds witte kerken gezien.

We liggen op een prachtig plekje. Kunnen lekker zwemmen, zien boten komen en gaan, en met een kort loopje zijn we bij de sluis waar altijd wel wat te zien is.  

Op 15 meter afstand staat een winkel. Eentje die 24 uur per dag open is. Je moet een account aanmaken, je profielfoto van Google uploaden en je bankrekening laten checken en dan kun je naar binnen, iets pakken en afrekenen.  

Er wordt veel gebruik van gemaakt, het is dan ook de enige winkel in het dorp. Maar elke ochtend wordt er vers spul gebracht, zelfs stokbroden en bolletjes. Wij zijn geen klant geworden, want we hebben geen profielfoto in ons Google-account en dat vinden we ook wel okee. Dan maar op de fiets naar een dorp 13 kilometer verderop, vinden we geen probleem.

De expositie over EPA’s was erg leuk. Oorspronkelijk waren het zelfgebouwde landbouwtractoren, gemaakt van vliegtuigonderdelen. De naam komt van een discountwinkelketen, en staat dus voor goedkoop en eenvoudig.

Maar tegenwoordig is het geen trekker meer. Nee, het zijn auto’s die bestuurd worden door jongeren vanaf 15 jaar die een brommerrijbewijs hebben. Oude personenauto’s worden gestript en aangepast (wettelijk begrenst tot 30 km per uur) en als tractor geregistreerd. Het zijn prachtige auto’s, ze maken er soms heuse kunstwerken van. De achterbanken moeten er uit, de laadbak lijkt soms een aquarium, er brand veel LEDlicht (vaak rood), en de muziek moet blijkbaar hard staan. Geen bepaald genre, maar het moet wel lekker bonken. 

We hadden ze al wel eens zien rijden, vonden het maar vreemd dat er een gevarendriehoek achter op zit, maar nu begrijpen we het. En het lijkt wel of we er steeds meer zien, zó leuk!

Een paar andere dingen die we nu echt opmerken is onder andere het zwaaien van mensen. Niet heen en weer gaan met je hand en arm, nee, hier lijkt het wel of je met je hand een vogelbek moet nadoen. Heel grappig. We proberen het ook, maar vergeten het steeds.....

Oh, en een oude fiets in je tuin is blijkbaar hip. Of hip geweest, dat kan ook. Gewoon neerzetten, in een standaard of tegen een hek, een bloemetje erop en klaar is Kees.

Ja, en overal nog de brievenbussen in een groepje. Dat blijft grappig, maar ook erg handig. Handig is ook dat, terwijl huizen een eindje van de weg af staan, de garages dicht op de weg staan. In tijden van sneeuw hoef je dan niet zo veel te scheppen natuurlijk. Praktisch!

Morgen gaan we naar Karlsborg. Denken we. Het is niet ver varen, maar weer even een andere plek om te liggen. We zijn er al doorheen gefietst maar willen er minstens een dag blijven. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten