zondag 6 augustus 2023

via een enorme scheepslift het hele Canal du Centre gedaan

Met zijn zessen ontbijten is niet gelukt, want de één wil slechts koffie, de ander wilde uitslapen, er moest gespeeld worden, dus het was wat rommelig, maar dat deerde de pret niet. Wat gezellig, zo'n schip vol!

Nadat we Anneke en Jan hadden uitgezwaaid (er kon van Hidde nauwelijks een "doei" af) hebben wij nog even gefietst, gestept en gespeeld, en zijn tegen elf uur vertrokken. 

Ons doel was een soort loswal, aan het begin van het Canal du Centre. Vanaf ons Grand Large voeren we bij kilometer 24,5 dat kanaal op. Voor ons was het even aftasten hoe het ging met de kindjes, vooral in de twee grote sluizen van 96 bij 12 meter en 124 bij 12,5 meter. Gelukkig luisteren ze prima, en de regels aan boord zijn hen niet vreemd.

Ongeveer op de helft van het kanaal staat een enorm hoge sluis. Daar hadden we veel zin in. De Ascenseur de Strépy-Thieu is indrukwekkend hoog. Het gebouw is 117 meter hoog, en wij werden 73,15 meter naar boven gebracht. 

In het oude Canal du Centre, dat in de tweede helft van de 19de eeuw gegraven werd, moest in de buurt van Thieu een hoogteverschil van 66 meter overbrugd worden. Met de techniek  van die tijd zouden dat 17(!) sluizen moeten worden, om de 400 meter eentje. Niet zo handig dus, want er zou bij elke schutting veel water verloren gaan, en voor de schippers zou deze route veel tijd kosten.

In Engeland was in die tijd juist een hydraulische scheepslift gebouwd, en de Belgische ingenieurs namen dat idee over. Rond 1970 wilde men grotere sluizen voor de grotere schepen. Het heeft iets van 20 jaar denken en bouwen gekost, en vooral veel problemen met budget, maar in 2002 werd het stukje nieuwe kanaal met hypermoderne scheepslift dan toch geopend.  

Hidzer liep met de kindjes naar de badkuip, zoals we hem noemden en legde uit wat er zou gebeuren.  En toen we even later naar binnen mochten varen vonden ze alles erg interessant. Dat we "gewoon" aan een bolder lagen, en dat die enorm dikke kabels de badkuip omhoog moesten trekken.





Toen de lift in werking trad was het leuk om het land onder ons te zien verdwijnen. Ik vond  het fijn dat we vooraan lagen, want dan blijf je steeds land zien. Op 22 augustus 2013 zaten we met de Amigo in het Schiffshebewerk bij Lüneburg, die 38 meter omhoog ging. Toen zaten we achter in de bak, en dat vond ik toch spannender. Vooral toen Hidzer zich hardop afvroeg wat er zou gebeuren als de "deur van de badkuip" open zou vallen......

Onze bak nu was afgesloten met aan een dubbel uitgevoerde hefdeur. Eentje ging met de bak mee en de andere deur bleef achter en sloot het kanaalpand af. Anders stroomt al het water naar beneden.....

We merkten niets van het omhoog schutten, maar het was toch wel een belevenis. Bovenaan zagen we heel duidelijk dat we enorm hoog op de berg waren gekomen. En heel bijzonder:  we hoefden er geen sluisgeld voor te betalen.



Hidde ging daarna slapen, Marit wilde graag verven. Prima! Ze kleurde weer een huisje in van het pakket dat we in december bij de Ikea van Athene hadden gekocht. En Hidde wilde na het wakker worden ook even verven, hij kleurde een boompje in. Apetrots!


Op de driesprong met Canal Bruxelles-Charleroi zijn we aan gaan leggen. Aan een soort enorme loswal, geasfalteerd. Niet het allermooiste plekje, maar oh, wat konden de kindjes lekker rennen, steppen en fietsen! Dus toch een fantastisch plekje. Hidde wilde graag mee als Hidzer met Marit fietste, maar kon niet zo snel steppen. Bij Pake voor op de fiets kon hij goed staan.  Ze hebben veel rondjes gefietst, zó leuk!




Na 't eten en voorlezen vielen ze niet zo snel in slaap. Ach, het is vakantie. Pake en Beppe keken terug op een geweldige dag: wat hebben we genoten!


Maaike vroeg zich vanochtend in de groepsapp af of de camera het in Mons niet deed. Tja, gisteren hebben we wel foto's en filmpjes gemaakt, maar ze niet in de groepsapp gezet omdat Anneke en Jan er toch bij waren. Maar Maaike is intussen bedolven onder foto's en filmpjes en dat blijven we doen.

Thomas belde: hij is vanochtend in Italië aangekomen. Het was niet echt een leuke tocht van  ruim 70 zeemijlen, want hij trof flinke golven van opzij (de wind stond al een tijdje uit het NoordWesten, dus dat zou geen verrassing moeten zijn), heeft twee keer een uur naar het oosten moeten varen omdat het te gek ging, en heeft veel harde regen te verduren gekregen. Maar: hij is in Italië! Zijn doel is "onze werf" in Port Saint Louis, daar wil hij de Lotus laten overwinteren.

zaterdag 5 augustus 2023

Ze zijn er!

Tegen twee uur vanmiddag zouden onze logeetjes aankomen. We hadden alle tijd dus vanochtend. Ik had gisteren een kaart gekocht voor het sanitair. We betalen  hier 13 euro havengeld (zonder water en elektra), en om van het sanitairgebouw gebruik te maken kost  euro pp. En wat krijg je dan? 

Tja, sanitair dat in 2015 al niet eens modern was, maar goed: de douches waren ruim en warm.

Het was direct enorm gezellig, en ook alsof we elkaar gisteren nog gezien hadden. Anneke had appeltaart en een bus slagroom gekocht, en ik had (natuurlijk) ook al een taartje. Donderdag gemaakt, op weg hier naar toe. Een favoriet van ons, die lekkerder is als hij al twee dagen oud is. 

Hidzer had laatst in een supermarkt (Carrefour of Intermarché, dat weten we niet meer) een doosje met zes buisjes verschillende taartversiersels gevonden. Nou, dat was een succes! Marit maakte een waar kunstwerkje van haar stukje taart.

We zijn met zijn allen een stuk gaan wandelen over het haventerrein. De kindjes met de stepjes. We waren even bang dat deze te moeilijk zouden zijn, want thuis hebben ze steps met twee wieletjes voor, die dus stabieler zijn. Maar dat viel hartstikke mee. Het enige nadeel is dat ze niet blijven staan. Maar het voordeel is weer dat ze opvouwbaar zijn. Er werd met veel gelach en geroep heen en weer gestept, tot ze zagen dat er een speedboat in het water werd gelaten. Dat moest goed bekeken worden.


En kleine visjes, krabbetjes en mosseltjes, daar zijn ze gek op. Zoeken, kijken, vangen, kijken, je bent zo een half uur verder, haha!


Toen het begon te spetteren zijn we weer aan boord gegaan, voor een hapje en een sapje (en het speelgoed). Hidzer vond het een goed plan om de speciale biertjes die we van Leo en Astrid hadden gekregen te pakken. Het heet NOCHT, en komt van de brouwerij Diggelfjoer uit Boornburgum. Volgens de verpakking is het een "gouden, kruidig, fris licht moutig en fruitig bier", en dat vonden onze proevers ook. Een idee om het wanneer we thuis zijn te gaan kopen!


Het rode crossfietsje, op het voordek, had even aandacht nodig voor Marit er op kon. Het zadel was te hoog. Waarschijnlijk al jaren op dezelfde stand gestaan, dus zo goed als vastgeroest. Met WD40 en een paar halen van een ijzervijl kregen we het zadel goed op maat, en ons prinsesje fietste er vrolijk vandoor. Het was even wennen want haar eigen fiets is een mooie nieuwe meisjesfiets (roze) en dit een stoere Kidsjump met het stuur wat verder naar voren. Dat wennen ging supersnel en ze is er hartstikke blij mee!
 

De afgelopen dagen zagen we dat het restaurant, waar we bij liggen, met de lunch hartstikke vol zit en 's avonds tussen half zeven en zeven ook weer vol loopt. Ik had een tafel gereserveerd voor ons zessen, en we hebben er gezellig gegeten aan het grote raam met uitzicht op de Grand Large. Er was weliswaar geen kinderhoekje, maar Pake en Beppe hadden tekenspulletjes mee, dus we hebben ons niet verveeld en de kindjes waren heel lief.

Hidde vond de "wond" op Hidzers hoofd enorm interessant. Het was steeds "Pake botse mast hè Pake?". Gelukkig geneest het vlot, maar het begint nu vervelend te jeuken. Komt weer helemaal goed!



vrijdag 4 augustus 2023

Mons

Eigenlijk is één dag te kort om Mons te bekijken, maar we hebben wel genoten van deze dag. Die grote beelden van Jaume Plensa, daar bleven we weer lang bij staan. Zó indrukwekkend! Met dit als uitzicht achter ons hebben we Maaike gebeeldbeld om haar te feliciteren. Leuk toch?


Het oude centrum was prima te bewandelen. Beter dan te fietsen, door de "bergen" en de kasseien. Helaas stond het gotische stadhuis in de steigers, maar wel met mooie doeken ervoor. Het beroemde beeld van het aapje, waar je met je linkerhand over zijn koppie zou moeten aaien omdat dat geluk brengt, was tijdelijk ergens anders, door die renovatie. 


Maar de ingang, tevens doorgang naar een steegje om bij de tuin van de burgemeester te komen, was geweldig. Een enorme deur, waarin een kleinere deur verwerkt was met ook nog eens een soort groot uitgevallen luik.  Met een slot, ongelofelijk zo mooi.





Het centrum was niet toegankelijk voor auto's, dus we slenterden van links naar rechts en heen en weer. Soms was een straat niet zo geweldig, maar we troffen ook grappige steegjes, die zelfs afgesloten konden worden.



Ongemerkt klommen we toch lekker omhoog, en kwamen in het Parc du Chateau terecht. Met een mooi uitzicht over de grote kerk en het stadje. 


En tot onze verrassing een prachtige foto-collectie, gemaakt door Thierry Suzan. Het deed ons heel erg denken aan de prachtige foto's die we in Port Saint Louis hadden gezien, tijdens het Festival de la Camargue .


In een klein kapelletje zagen we nog een film over en van hem, met niet alleen foto's en zijn ideeën daarover, maar ook fantastische drone-filmpjes. Toen we het terrein van het kasteel verlieten hingen er ook nog foto's op de kasteelmuur.


 
Na een welverdiende pauze op het Grand-Place liepen we naar de Collégiale Sainte-Waudru. Zeg maar de kerk van de Heilige Waldetrudis. Een enorm grote kerk. Waldetrudis leefde in de zevende eeuw en werd uitgehuwelijkt aan ene Madelgarius, een edelman. Het kan niet anders of je moet als stel met zulke namen, Waldetrudis en Madelgarius, je kinderen ook (in onze ogen), bijzondere namen geven. Geen Piet of Anja. Nee, zij noemden hun kinderen Landricus, Dentelinus, Aldetrudis en Madelberta.

Het was een gelovig gezin. Op een gegeven moment kreeg Waldetrudis in een droom een teken: de bisschop van Kamerijk gaf haar een beker wijn, en nadat ze ervan gedronken had kreeg ze een afkeer van alles wat gewoon aards is. Ze wilde iets hogers. Waldetrudis en Madelgarius gingen zelfs zo ver dat ze uit elkaar gingen en verder leefden als kloosterlingen. Waldetrudis stichtte een religieuze gemeenschap op een heuvel hier in de buurt (liet met geld van de familie een klooster bouwen), en deed links en rechts wonderen: ze genas kinderen met een kruisteken en liet het geld van arme mensen vermenigvuldigen. De plaatselijke bevolking (van het huidige Mons) was enorm onder de indruk van haar leven van gebed en liefdadigheid.. 

Men zegt dat ze stierf op 7 april, maar niemand weet in welk jaar. Waarschijnlijk in 688. Nou ja, ze heet in elk geval een eigen Naamdag. Maar die kerk, die naar  haar genoemd is, daarmee begon men pas rond 1450 te bouwen. En, of je het gelooft of niet, haar hoofd is bewaard gebleven. In 1867 (toen pas? Ja, toen pas) werd deze reliekhouder van zilver en messing voor dat hoofd gemaakt. Waar het in de ruim 1200 jaren daarvoor is geweest? Geen idee. 


Er worden nog andere dingen van haar bewaard, in een mooie reliekschrijn. Wat precies weten we niet. Maar die schrijn wordt op de zondag na Pinksteren op de Car d'Or geplaatst. Dat is de Gouden Koets van Mons. Door zes trekpaarden wordt die koets in een processie door Mons getrokken, en tegelijk geduwd door een heleboel mensen. Want als de kar niet in één keer de heuvel naast de kerk op komt, krijgt Mons een jaar lang met onheil te maken.



In de kerk waren aan de zijkanten 29 kappelletjes waar diverse Heiligen worden aanbeden. We hebben met verbazing (van grote afstand) gekeken hoe dat gebeurt, met knielen en kruistekens slaan en wrijven over het eigen lichaam. 
 



Tot ergens in oktober hangen en staan er nog geweldig kunstwerken van Plensa. Wat een mooie dingen maakt die man!





Weer aan boord hebben we de laatste dingetjes opgeruimd en andere dingen opgezocht: laat de kindjes maar komen!

donderdag 3 augustus 2023

naar Mons, aan de Grand Large

De eerste en enige sluis van vandaag, de Ecluse Maubray-Peronnes, was eh..... Belgisch. Letterlijk en figuurlijk. Er was een drijvende bolder, dus dat belooft veel voor de volgende Belgische sluizen. 

Ik had Lambik opgeroepen, en een dame (Sidonia?) vertelde dat de sluis klaar stond voor ons. Inderdaad, de deuren gingen heel vlot open. Wij gingen aanleggen, aan die drijvende bolder en zagen dat de trap ook een soort bolders had. Handig!

De sluisdeuren achter ons gingen dicht. Op de marifoon hoorde ik Sidonia in gesprek met een schipper, ik begreep dat er een schip net als wij "montant" wilde, dus naar boven geschut. Onze deuren gingen weer open, maar we zagen nog geen boot aankomen. We lagen midden in de sluis en gingen alvast maar verder voorin liggen.


Maar de deuren gingen ook weer dicht, waarna het schutten begon. We hoopten dat Sidonia niet te veel op knopjes ging drukken, want we moesten wel ruim 12 meter stijgen. Maar alles ging goed, Sidonia kreeg op de marifoon nog een opmerking die we niet verstonden waarop ze reageerde met een soort "jahaaa", boven lag een pleziervaartuig te wachten dat naar beneden wilde. Dus Sidonia was wat in de war geweest waarschijnlijk.

De baguette die ik vanochtend bij de Intermarché had gekocht, was groter én goedkoper dan de Franse, maar lang niet zo lekker. Baguette Tradition kenden ze niet. Jammer!

We voeren de Grand Large bij Mons op. Een kunstmatig meertje van ongeveer 40 hectare, hadden we gelezen. Vlakbij het stadje Mons, dat in het Nederlands Bergen heet. Hidzer had dit uitgezocht als "brengplaats" voor de kindjes, omdat het goed te bereiken is per auto, er een groot zwembad bij is, en een Imagipark (met ballenbak 3.0), en een restaurant.

De havenmeester, een zeer vriendelijke mevrouw, gaf ons een plekje pal voor het restaurant. Dat wilden we stiekem ook, omdat we dan lekker centraal lagen en makkelijk op de fiets konden. Maar wat we niet zagen op het internet, en nu wel in real life, is dat het een beetje vergane glorie is. Mevrouw vertelde dat het ruim tien jaar geleden echt heel lelijk was hier: rond het meer geen leuk bos maar "oud groen", met kiezels, en het pad richting de stad was een homo-ontmoetingsplaats.

Maar omdat Mons in 2015 Culturele Hoofdstad van Europa was, heeft het gemeentebestuur de boel wat opgekrikt. Vandaar het zwembad, de haven, dat Imagipark met kartbaan en een goede weg plus fietspad naar het stadje. Okee, het imago is verbeterd, maar een echte toeristische trekpleister is het niet. De boel is mooi en ruim en groots opgezet, maar na 2015 is er niets meer aan gedaan. 

We zijn tussen de buien door naar de stad gefietst, iets van twee kilometer. En we begrijpen nu waarom het Bergen heet. Flinke heuvels en straatjes met kasseien. We hobbelden zwoegend omhoog en we hobbelden weer naar beneden. Maar er waren ook kasseien-straten met een soort fietspaadje van tegels erin, dat was weer lekker fietsen.

Mons lijkt ons erg leuk, we gaan morgen de boel beter bekijken. De oude huizen, grote kerktorens en de expositie van Plensa maken ons nieuwsgierig.




Het hek naar de haven was gesloten, we deden wat moeilijk om de fietsen door het voetgangerspoortje te krijgen. Later zagen we dat we door de struiken om de slagboom van de auto-parkeerplaats hadden kunnen lopen, dat was iets gemakkelijker geweest.

woensdag 2 augustus 2023

Naar Peronnes in België

We deden rustig aan vanochtend. Het zou pas vanmiddag droog zijn, en we wilden slechts een klein stukje. Ons doel was Peronnes. Want in de haven, die Royal Peronnes Yacht Club heet, zou een wasmachine zijn. Ik had de havenmeester van Peronnes gebeld en die van Mons, en in beide havens was plek genoeg. In Mons komen onze logeetjes aan boord. En de havenmeester van Peronnes vertelde me dat we nog geen Waterwegenvignet hoeven te kopen hier. Mooi. 

Tegen kwart voor één vertrokken we. Na een kilometer kon het Franse gastenvlaggetje vervangen worden door het Belgische. Bij het passeren van de grens sprongen we van kilometer 45,5 op de Escaut Canalisée naar kilometer 0 op de Haut-Escaut. 


Het Belgische kanaal is even breed als het Franse, maar oogt wel wat luchtiger door de bomen. En er is weer een fietspad naast. Maar er dreven ook veel takken, kleine en grote. Af en toe moesten we even slalommen. Dat kon prima, er was geen schip te bekennen.


Na 4,6 kilometer sloegen we rechtsaf het Canal Nimy-Blaton-Peronnes op. We begonnen bij Peronnes op kilometer 38,9  Zo lang is het kanaal dus. Op kilometer 21 ligt Blaton, dus niet precies op de helft, dus wat ons betreft hadden ze ook de dorpjes met grappige namen als Péruwelz, Harchies, Boudour of Ghlin mogen noemen. Trouwens, het dorpje Nimy ligt niet eens aan haar eigen kanaal. Nee, het water heet direct na de Grand Large, dat is een kunstmatig meer, Canal du Centre. We hebben er stiekem om moeten lachen, want is dit nu een Belgische grap of niet?

Bij de sluis van Peronnes moesten we even wachten. Er lag een Nederlands schip in, en daarna ging vrachtschip Hendrik-D er in. Daar pasten we niet bij, want de sluis is 86 bij 12 en Hendrik-D 85 meter. 

Lambik, de sluiswachter, vroeg waar we vandaan gekomen waren vandaag en wat onze bestemming is. 

Nu liggen we op een mooi plekje in de haven van de Royal Peronnes Yacht Club. Aan het meer Le Grand Large d'Antoing. Waar het gezellig druk is met zeil- en surflessen. Dat is eigenlijk ook het enige leuke wat hierover te vertellen is. Want de beloofde wasmachine is er nog niet. Het havenkantoor moet nog afgebouwd worden. Dus geen douche, toilet of wasmachine. Maar wel 15 euro betalen. Nou ja, toen ben ik maar naar de Intermarché gefietst. Twee kilometer verderop, dus dat was prima te doen. Buiten het dorp Hollain, een saai en kaal gebied.  


Met de bankpas kon ik niet betalen, dus ik moest even wisselen in de winkel. Geen probleem gelukkig. Zes euro voor de was, drie voor een kwartier in de droger. Daarmee kreeg ik de was wel droog volgens de mevrouw. Dat bleek niet helemaal waar, dus aan boord moest het nog even wapperen. Vier minuten, want toen begon het te miezeren en te regenen. Een extra waslijntje in de salon en onder de bimini, dat ging prima. Bijna alles is nu droog. 

Een Nederlandse meneer, onze buurman in de  haven, vertelde ons dat we een MET-nummer moeten hebben. In Wallonië heb je een gratis MET-nummer nodig, die krijg je normaal gesproken in de eerste sluis van België. Wij dus niet. Ik heb Lambik per marifoon opgeroepen, en na wat vragen te hebben beantwoord (naam, lengte, breedte en hoogte van de boot en onze naam, adres en telefoonnummer) kreeg ik nummer 15253 van hem. We hoeven er niets mee te doen maar we moeten dit nummer wel hebben. 

We hebben vanavond hele mooie luchten gezien. Op foto's kwam dat niet goed naar voren, maar in het echt zagen we tegelijk grijs, wit, helderblauw en paars. Prachtig

dinsdag 1 augustus 2023

De laatste Franse aanleg, in Mortagne-du-Nord

Vannacht heeft het nogal geregend, en vandaag, tijdens het varen, kregen we ook wat buien over ons heen. Toevallig wanneer we in de sluizen waren, dat was niet zo lekker. Maar ach, het is wat het is.

Op AIS zagen we op al snel de Nederlandse Espero aankomen. We zouden ongeveer gelijktijdig in de buurt van twee bruggen van 30 en 20 meter breed door varen, en de Espero was volgens de gegevens 12 meter breed. We hebben dus maar even gewacht. Dat was nog leuk ook, want het schip paste maar nauwelijks onder die bruggen (van 5,3 meter hoog) door. Je moet hier als schipper dus goed weten hoe het met de waterstand zit!


Dit gebied lijkt wel het sloop-gebied van Frankrijk. We hebben veel sloperijen gezien, de één wat netter dan de ander. Bij deze lag er een boel ijzer op een richel bij het water, waarschijnlijk ligt er dus ook een boel in het water. We bleven op veilige afstand van de wal, want je weet maar nooit.

De vier sluizen van vandaag waren groot. En qua afmeting gelijk: 144,6 bij 12 meter. Het verval verschilde wel, en het grappige is weer dat dat op de centimeter nauwkeurig aangegeven wordt. Of iemand heeft het zo bedacht, dat kan natuurlijk ook. Want waarom zou je aangeven dat we 3,96 meter gaan zakken, en 3,03, en 2,94 en weer 3,03? Waarom niet gewoon lekker afronden op hele meters? 

De eerste sluis had een glijstang, dan hoef je niets te doen. De anderen hadden niet eens drijvende bolders, maar het water ging zo geleidelijk weg dat we bijna stil in de sluis bleven liggen. Alle sluizen hadden we voor ons alleen, en Jean-Pierre zette het licht al heel vroeg voor ons op groen.

De l'Escaut Canalisée viel ons niet tegen. Okee, het is een kanaal, maar we hadden onderweg genoeg te zien. Lekker breed, en diep, dus het was makkelijk varen. Af en toe binnen vanwege de regen, en dan weer buiten in de zon.


We wilden bij de laatste sluis gaan liggen, maar daar konden we niet van de (wachtsteiger) af. Dus we voeren een kilometer of twaalf verder, naar Mortagne-du-Nord. We zagen een steiger naast een parkje, op de hoek tussen ons kanaal en het riviertje Scarpe. Maar meters van de wal af bleek het al niet zo diep meer te zijn, dus we gingen naar de kade aan de overkant. Er was een heel groot deel voor Commerce, en een klein deel voor Pleasance. Maar op het recreatie-gedeelte stond slechts één bolder. Lekker handig. 

We schoven dus een stukje verder. Maar toen we vanmiddag de wal op wilden, tussen de buien door, kwam vrachtschip Penhoët aanvaren. Langzaam. Ik riep hem op en toen bleek wat wij vermoedden: hij wilde ook aan de kade. Maar er was niet genoeg plek dus wij moesten even terug opschuiven. We liggen nu aan die ene bolder, aan een verkeersbord en hebben een lijn aan een boom aan de overkant van het pad gelegd. Met uitzicht op het park waar we eerst wilden liggen. 



We hadden bedacht om de fokken en het zeil op het voordek te leggen, boven en naast de verstaging, vlak voor de stuurhut. Om plaats te maken voor het campingbedje van Hidde. Er is nog genoeg zicht vanuit de stuurhut, en het ligt mooi stabiel. Maar Hidzer wilde het natuurlijk weer snel-snel, omdat er weer regen dreigde, en stootte zijn hoofd gemeen tegen de mast. Hij was wel 5 bij 3 centimeter gescalpeerd, ik moest er zelfs het stuk loszittend vel afknippen. Gelukkig hadden we nog een busje pleisterspray, dat kwam nu van pas!


We geloven dat het mooiste gedeelte van Mortagne aan de overkant is, daar in de buurt van het park, maar het miezerde ons te vaak om die kant op te lopen. Aan onze kant was de supermarkt (weer zo'n grote Carrefour), dat was weer handig, maar de buurt is niet zo luxe. Maar we liggen veilig in ons hoekje, dat voelt goed. 

Morgen hebben we drie codes geel in dit gebied. Voor onweer, wind en regen+overstroming. Ach, het zal wel meevallen met wind midden op het land, en van overstromingen heb je op een boot niet zo gauw last natuurlijk.